Wetenschappelijke literatuur

Up-to-date blijven is belangrijk om correcte informatie en begeleiding te geven als lactatiekundige (IBCLC). Via de ledennieuwsbrief informeren we onze leden over recent gepubliceerde wetenschappelijke artikels. Hier vind je een greep uit recente artikels.

2019 - Babybadje voor de pasgeborene uitstellen verhoogt de kans op exclusief borstvoeding

Babybadje voor de pasgeborene uitstellen verhoogt de kans op exclusief borstvoeding

24 januari 2019

Het uitstellen van het badje van de pasgeborene gedurende ten minste 12 uur na de geboorte wordt geassocieerd met een aanzienlijke verhoging van de kans op exclusief borstvoeding in het ziekenhuis bij moeders zich hadden voorgenomen moedermelk te geven aan hun baby (exclusief of aangevuld met kunstvoeding).

 "Onze resultaten geven informatie over de voordelen van het uitstel van het babybad na de geboorte tijdens het ziekenhuisverblijf en potentieel daarom ook na ontslag uit het ziekenhuis," stellen de auteurs van de studie, online gepubliceerd op 21 januari 2019 in het Journal of Obstetric, Gynaecologic & Neonatal Nursing.

 Huid-op-huid contact tussen de pasgeborene en de moeder na de geboorte heeft significante voordelen en wordt daarom aanbevolen door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en andere verwante organisaties. De rationale achter het uitstellen van het badje is echter minder duidelijk en minder onderzocht.

 Er zijn aanwijzingen dat pasgeborenen de geur van vruchtwater herkennen als een sensorische stimulus om te starten met borstvoeding, waarbij één onderzoek aangeeft dat de zuigreflex van de pasgeborene inderdaad werd versterkt bij blootstelling aan het eigen vruchtwater. Vroeg baden van pasgeborenen is ook reeds in verband gebracht met hypothermie bij de baby, die op zijn beurt de borstvoeding negatief beïnvloedt.

Veranderende praktijk in één ziekenhuis

Condo DiCioccio en collega's implementeerden een afdelingsinterventie waarbij verpleegkundigen en vroedvrouwen werden aangemoedigd om 24 uur te wachten voordat ze pasgeboren baby’s een badje gaven, of ten minste 12 uur.

Vóór deze interventie werd toegepast, werd het eerste badje in dit ziekenhuis traditioneel gegeven binnen 2 uur na de geboorte, na het huid-op-huidcontact.

 De studie omvatte 996 parturiëntes: 448 moeders met hun pasgeboren baby in het ziekenhuis voorafgaand aan de interventie en 548 post-interventie moeders met hun respectievelijke baby’s.

Er waren geen significante verschillen in maternele kenmerken of kenmerken van de pasgeborenen tussen de groepen. Onder de moeders was 63,3% blank en had 67,1% een vaginale geboorte. Hun gemiddelde leeftijd was 30,3 jaar.

 Door het verschuiven van de gemiddelde tijd tussen geboorte en eerste badje van 1,9 uur naar 17,9 uur post-interventie steeg het percentage exclusieve borstvoeding in het ziekenhuis (zonder kunstvoeding) van 59,8% naar 68,2% (P = ,006).

 Binnen de gebruikte multivariabele analyse werd in het ziekenhuis een exclusieve borstvoedingstoename gezien voor alle moeders na interventie (odds ratio [OR], 1,49; P = ,004).

 De voordelen van het uitstellen van het badje bij borstvoeding waren echter het duidelijkst bij degenen die vaginaal bevallen. (odds ratio = 1,60, 95 % betrouwbaarheidsinterval [1.14, 2.25]; p = .006)

 “Het uitstellen van het babybadje leidde ook tot een grotere kans op normale temperaturen bij pasgeborenen, overeenstemmend met eerder onderzoek dat dit reeds heeft aangetoond”, zeggen de onderzoekers.

 De rationale van een betere thermoregulatie door het uitstellen van het badje zoals reeds weergegeven in de Neonatale richtlijn Huidverzorging van de Association of Women's Health, Obstetric and Neonatal Nurses [AWHONN] werd hierbij duidelijk bevestigd.

 De voordelen van wijzigingen in bad-protocollen kunnen dus zeker de moeite waard zijn. Alhoewel de wijzigingen qua bad-beleid voor de pasgeborene wat tijd nam om in dit ziekenhuis tot volle implementatie te komen, bleek het personeel de transitie als positief te ervaren en werd dit beleid in het ziekenhuis ondertussen opgenomen in de standaard praktijk.

 "Ziekenhuizen moeten het huidige beleid evalueren met betrekking tot de timing van het badje van de gezonde pasgeboren, naast het respecteren van het huid-op- huid contact zoals aanbevolen  door de Wereldgezondheidsorganisatie” was de conclusie van de auteurs.

Bron: DiCioccio HC, Ady C, Bena JF, Albert NM. Initiative to Improve Exclusive Breastfeeding by Delaying the Newborn Bath. J Obstet Gynecol Neonatal Nurs. 2019 Mar;48(2):189-196. doi: 10.1016/j.jogn.2018.12.008. Epub 2019 Jan 21. PubMed PMID: 30677407.

2019 - FDA publiceert update : advies over het eten van vis en zeevruchten voor zwangere vrouwen, borstvoedende moeders en kinderen

FDA publiceert update :  advies over het eten van vis en zeevruchten voor zwangere vrouwen, borstvoedende moeders en kinderen

03 juli 2019

 De Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) heeft bijgewerkt advies gepubliceerd over het eten van vis voor zwangeren, moeders die borstvoeding geven en jonge kinderen, en legt meer nadruk op de gezondheidsvoordelen ervan.

"Vis en schaaldieren zijn een belangrijk onderdeel van een goed en evenwichtig dieet. We weten echter dat veel consumenten zich zorgen maken over het kwikgehalte in vis en zelfs vis beperken of vermijden vanwege deze bezorgdheid. Zwangere vrouwen in de VS blijken om deze reden net minder vis te consumeren”  volgens Susan Mayne, directeur van het FDA's Center for Food Safety and Applied Nutrition.

 "Ons doel is om ervoor te zorgen dat ze weten hoe ze kunnen profiteren van vis en verstandige keuzes kunnen maken ," zei Mayne.

In januari 2017 heeft de FDA en het Environmental Protection Agency (EPA) reeds een tabel gepubliceerd om de consument wegwijs te maken in de kwikgehaltes van de verschillende vissoorten .

 De informatie in de tabel werd nu aangevuld. Het herziene advies van 2 juli 2019  geeft ook meer informatie over de voordelen van vis binnen een gezonde voeding.

 "Hoewel het belangrijk is om kwik te beperken in de voeding van vrouwen die zwanger zijn of borstvoeding geven en jonge kinderen, zijn veel soorten vis zowel voedzaam als beneficieel voor deze specifieke groepen “ zegt de FDA in de update.

Het herziene advies benadrukt de nuttige voedingscomponenten van vis, waarvan vele een belangrijke rol spelen bij de ontwikkeling van zwangerschap, borstvoeding en vroege kinderjaren, naast andere voordelen zoals het verlagen van het risico op obesitas.

 “Vis levert eiwitten, gezonde omega-3 vetten, meer vitamine B12 en vitamine D dan enig ander type voedsel, ijzer dat voor zwangere vrouwen belangrijk is en andere mineralen zoals selenium, zink en jodium “ , merkt de FDA op.

 Vrouwen die zwanger zijn of borstvoeding geven, moeten daarom idealiter tussen  225 en 350 gr van een verscheidenheid aan zeevruchten of vis per week consumeren, maar weliswaar steeds vissoorten met lage kwikgehaltes.

Het gaat om de vis en zeevruchten op de beste keuze-lijst zoals zalm, garnalen, koolvis, skipjack-tonijn in blik, Atlantische makreel, ansjovis, tilapia, meerval, kabeljauw, pollock, schelvis, krab, kokkels, mosselen, tong, sardienen en haring, wijting, kreeft, oesters en zoetwaterforel.

 Op de lijst van de vis die slechts 1 maal per week mogen worden geconsumeerd staan heilbot en de tonijnsoorten albacore-tonijn  en geelvin-tonijn alsook de zeeforel.

 De FDA beveelt verder aan dat iedereen vissen vermijdt die veel kwik bevatten zoals koningsmakreel, marlijn, orange, haai, zwaardvis, en grootoogtonijn.

 https://www.fda.gov/food/consumers/advice-about-eating-fish

Terug naar overzicht